Bestaat Seksverslaving? (Artikel: Journal of Sexual Addiction & Compulsivity)

 

Er is een aanhoudend debat gaande over het wel of niet bestaan van seksverslaving. Een van de kritieken is dat het slechts een makkelijk excuus zou zijn om geen verantwoordelijkheid te hoeven nemen voor het seksuele gedrag. In een actueel artikel van Carnes (2015), de meest vooraanstaande deskundige op het gebied van seksverslaving, bespreekt en weerlegt hij de argumenten die door de critici tot nu toe zijn aangevoerd. Hieronder vind je geselecteerde passages uit dit artikel.

Nog niet zo heel lang geleden werd verslaving gezien als een moreel gebrek en werd de verslaafde fel en met veel vooroordelen benaderd. Pogingen om dit beeld te bij te stellen stuitte op verzet en er is veel doorzettingsvermogen nodig geweest om hierin verandering te brengen. De laatste 50 jaar is echter steeds duidelijker geworden dat verslaving een chronische ziekte is van de hersenen, op het gebied van beloning, geheugen en motivatie. De controverse die nu bestaat ten opzichte van seksverslaving heeft veel overeenkomsten met die ten opzichte van drugs en alcohol niet zolang geleden. Carnes stelt dat met de recente wetenschappelijke ontwikkelingen de kritiek ten aanzien van het concept seksverslaving ongefundeerd en achterhaald blijkt te zijn. Zijn argumenten worden ondersteund aan de hand van onderzoeksresultaten.

Een van de kritieken ten aanzien van seksverslaving is dat er geen wetenschappelijk bewijs is. Carnes weerlegt dit met resultaten van diverse onderzoeken. Zo blijkt dat in bijna ieder onderzoek naar verslaving en de hersenen, atrofie (vermindering van krachten) is gevonden van meerdere hersengebieden. Dit is niet alleen bij middelenverslavingen maar ook bij gedragsverslavingen gevonden, zoals eetverslaving, seksverslaving en internetverslaving. Tevens zijn er reacties in de hersenen aangetoond bij mannen met compulsief seksueel gedrag die naar fragmenten van een pornofilm keken, die overeenkomen met de reacties in de hersenen van iemand met een alcoholverslaving die een vriend een glas alcohol ziet drinken. Verder laat neurobiologisch onderzoek zien dat verschillende vormen van verslaving niet losstaan van elkaar. Iedere vorm van verslaving is een destructieve uiting van het onderliggende syndroom. Volgens onderzoekers hebben gedragsverslavingen hetzelfde onderliggende syndroom wat terug te vinden is in de verandering van de hersenprocessen bij de verslaafde.

 

Een andere noot van kritiek is dat de meeste wetenschappers het concept van seksverslaving afwijzen. Carnes stelt echter dat seksverslaving door wetenschappers wordt gezien als een stoornis in het beloningssysteem, net als middelenverslavingen en andere gedragsverslavingen zoals gokverslaving en eetstoornissen. Verder laten neuro-imaging technieken zien dat niet alleen middelengebruik maar ook activiteiten die genot geven zoals eten, seks, shoppen en gokken de hersenen kunnen ‘gijzelen’. Of het nu eten, heroïne, seks of gokken is, het trekt een spoor in de het neurale netwerk, als een lijn van voetstappen die steeds dieper en onuitwisbaar worden. Ook wordt door wetenschappers geopperd dat het dopamine beloningssysteem in de hersenen niet alleen van belang is bij middelenverslaving maar ook bij gedragsverslavingen zoals eetverslavingen, pathologisch gokken en seksverslaving.Een ander kritisch geluid ten opzichte van het concept seksverslaving is dat er geen consensus bestaat over de definitie of diagnostische criteria. Hoewel men het vaak niet eens is over de benaming (hyperseksualiteit, seksverslaving) is men volgens Carnes relatief consequent ten aanzien van de beschrijving van het beeld.

Een ander punt volgens de critici is dat het geen seksverslaving betreft maar dat het om de onderliggende problemen gaat. Volgens Carnes maakt men hier weer de fout dat men zich focust op het gedrag in plaats van het onderliggende ziekteproces. Hier en daar worden persoonlijkheidsstoornissen als de oorzaak gezien van seksverslaving hetgeen het probleem marginaliseert en het stigma vergroot. Tevens wordt als kritiek geuit dat behandeling van seksverslaving een lucratieve en ongereguleerde onderneming is. Dit is juist het geval bij de seksindustrie. Als laatste wordt door Carnes het punt van kritiek genoemd dat seksverslaving een excuus is voor slecht gedrag en persoonlijke verantwoordelijkheid wegneemt. Carnes stelt dat het ziektemodel van verslaving en dus van seksverslaving juist betekent dat men goed geïnformeerd is over zijn of haar conditie en met deze informatie de juiste actie kan ondernemen. Op deze manier vergroot het de mate van verantwoordelijkheid voor de eigen ziekte.

Carnes sluit af met onder meer te stellen dat er een kloof blijft bestaan tussen wetenschappelijke ontwikkelingen en het begrip van de bevolking, politici en vooruitgang in behandelaanbod.

 

Bron: P. Carnes, Journal of Sexual Addiction & Compulsivity (2015)